Laatst bijgewerkt op 6 januari 2026

Antibiotica resistentie groeit uit tot een van de grootste bedreigingen voor de moderne geneeskunde. Niet door één plotselinge uitbraak, maar via een stille, wereldwijde opmars van bacteriën waar steeds minder medicijnen tegen werken.
In zijn nieuwste boek ‘De sluipende pandemie’ laat journalist en schrijver Rinke van den Brink zien waarom dit probleem veel urgenter is dan het lijkt. In dit interview spreekt hij over de oorzaken en gevolgen van antibioticaresistentie, de mondiale ongelijkheid die het probleem voedt en wat dit betekent voor artsen, patiënten en ons dagelijks antibioticagebruik.
Antibioticaresistentie als sluipende pandemie
Je beschrijft antibioticaresistentie als een ‘sluipende pandemie’. Wat maakt deze crisis volgens jou gevaarlijker dan veel zichtbaardere infectieziekten?
De jaarlijkse griepgolf, de ene keer groter dan de andere, is goed zichtbaar. Die komt als het ware aanrollen, het aantal zieken neemt snel toe. Met de coronapandemie was dat nog sterker het geval. Wat in de Chinese stad Wuhan begon, overspoelde in no time de hele wereld. Net als met griep zag iedereen om zich heen het aantal (ernstige) ziektegevallen in hoog tempo toenemen.
Dat is een essentieel verschil met infectieziekten door bacteriën die ongevoelig zijn voor de werking van veel en soms zelfs alle antibiotica. De resistente bacteriën verspreiden zich vrijwel ongemerkt door de wereld. Op voedsel dat we over de hele wereld verslepen, bijvoorbeeld op kippenvlees dat een land als Nederland in grote hoeveelheden exporteert maar even hard importeert uit landen waar het antibioticagebruik in de intensieve veeteelt vaak nog hoger is dan hier, waar het in ieder geval flink is teruggedrongen de afgelopen vijftien jaar.
Maar we nemen die bacteriën ook zelf mee als we de wereld bereizen. Alleen, we worden daar zelf vaak niet ziek van. Gezonde mensen raken die bacteriën na verloop van tijd weer kwijt, maar ze kunnen ze wel overdragen aan mensen met een minder goede gezondheid of er zelf wel degelijk last van krijgen als ze toevallig een operatie moeten ondergaan.
Reizigers naar landen als India, Egypte of Turkije, om me tot deze drie te beperken, lopen grote kans om besmet te raken met allerlei multiresistente bacteriën die in die landen frequent voorkomen. Maar ook in de Verenigde Staten is dat risico hoger dan in heel veel andere landen. Dichter bij huis is het aantal multiresistente bacteriën in ziekenhuizen in Italië en vooral Griekenland dusdanig hoog dat een verblijf in een ziekenhuis daar een fors risico met zich meebrengt op besmetting met heel nare bacteriën en/of infecties door die bacteriën die tegen nagenoeg alle antibiotica resistent zijn.
Door de verspreiding van die multiresistente bacteriën over de wereld – het pandemische karakter van het probleem – doen zich steeds vaker situaties voor waarin antibiotica niet goed meer werken en waarin artsen hun toevlucht moeten nemen tot reservemiddelen, als die tenminste nog werkzaam zijn tegen de infectie die ze moeten bestrijden. Zonder voldoende antibiotica waartegen nog geen of maar beperkte resistentie bestaat, komt de moderne geneeskunde op de tocht te staan. Grote operaties, zoals open hartoperaties en heup- en knievervangingen, orgaantransplantaties en talrijke kankerbehandelingen, zijn zonder goed werkende antibiotica om infecties te voorkomen of te bestrijden zo risicovol dat het de vraag is of die nog zouden plaatsvinden. In die zin gaat ‘de sluipende pandemie van de antibioticaresistentie’ over veel meer dan het bestrijden van bacteriële infectieziekten. Het gaat over het overleven van de moderne geneeskunde.
Wereldwijde aanpak van antibioticaresistentie
In je boek stel je dat verbeteringen in Nederland en België weinig uithalen als er elders geen vooruitgang is. Waar zit volgens jou de kern van dat mondiale probleem?
Verbeteringen in het antibioticagebruik en daarmee in het terugdringen van antibioticaresistentie in Nederland of België zijn zeker belangrijk. Het terughoudende antibioticagebruik in Nederland gaat hand in hand met lage resistentiepercentages van bacteriën. Gevoegd bij de goede infectiepreventie in Nederlandse ziekenhuizen, beperkt dat de kans op het oplopen van zorggerelateerde infecties in ons land.

Het enigszins afgenomen antibioticagebruik in België begint ook daar gunstige effecten te krijgen. Maar in beide landen neemt het aantal aangetroffen multiresistente bacteriën jaarlijks toch toe door de import ervan uit landen waar ze veel vaker voorkomen.
In Oekraïne was het aantal resistente bacteriën vóór de Russische aanval op het land al hoog; de oorlog werkt als een motor voor het ontstaan en de verspreiding van antibioticaresistentie. In oorlogsomstandigheden staat de hygiëne zacht gezegd nogal onder druk. Op het slagveld lopen soldaten ernstige infecties op. Wie de beelden uit de kapotgebombardeerde ziekenhuizen in Gaza heeft gezien, waar patiënten badend in hun eigen bloed en dat van anderen op de grond worden geopereerd, begrijpt het infectiegevaar.
In vluchtelingenkampen waar grote hoeveelheden mensen bovenop elkaar en in kommervolle omstandigheden leven, vaak ondervoed en zonder schoon drinkwater, tieren infectieziekten welig. Tot overmaat van ramp heeft Trump USAID platgelegd, waardoor ongeveer de helft van alle financiële middelen voor hulp bij hongersnood, natuurrampen en allerlei permanent lopende projecten tegen HIV/AIDS, malaria en tuberculose niet meer bestaan. En de wereld is vooralsnog niet bij machte om het gat te vullen dat USAID achterlaat.
Verder is er in grote delen van de wereld nog steeds een enorm tekort aan veilige sanitaire voorzieningen en schoon drinkwater. Volgens de laatste data van WHO en Unicef hadden 2 miljard mensen in 2025 geen toegang tot schoon drinkwater. Ongeveer 1,5 miljard mensen hadden geen eigen toilet of latrine en 350 miljoen mensen ontlastten zich buiten. Allemaal ideale omstandigheden voor de verspreiding van infectieziekten.
Ongelijkheid en toegang tot antibiotica
Wat heb je tijdens het schrijven van De sluipende pandemie geleerd dat je vooraf zelf nog niet zo scherp zag?
Dat antibioticaresistentie heel veel te maken heeft met ongelijkheid, wist ik wel, maar bij het schrijven van De sluipende pandemie is dat me nog veel duidelijker geworden. In het rijke Westen is het antibioticagebruik onnodig hoog. Het gemiddelde antibioticagebruik in de EU is twee keer zo hoog als in Nederland, zonder dat mensen in ons land allemaal massaal bacteriële infecties oplopen. In veel andere EU-landen nemen ze dus te veel antibiotica.
In een groot aantal arme landen hebben honderden miljoenen mensen helemaal geen toegang tot antibiotica. Die zijn daar niet op de markt, omdat farmaceuten menen dat ze er niets mee kunnen verdienen. Of ze zijn wel op de markt maar niet betaalbaar voor arme mensen.
De rijke bovenlaag in opkomende en arme landen gebruikt antibiotica vaak alsof het snoepjes zijn. India is zo’n land. De rijken daar gebruiken overmatig antibiotica, de armen hebben er geen toegang toe. Als ze toch in staat zijn antibiotica te kopen, dan gebruiken ze die vaak onjuist: een kuur niet afmaken, maar zodra ze zich iets beter gaan voelen stoppen met de antibiotica en de rest van de pillen bewaren tot een volgende keer dat ze zich ziek voelen. Of tegen een virale infectie waarbij antibioticagebruik nutteloos is. Dat verkeerde gebruik draagt wel bij aan het ontstaan en de verspreiding van antibioticaresistentie.
Farmaceutische industrie en antibiotica-ontwikkeling
Je sprak met tientallen experts wereldwijd. Welke uitspraak of ervaring is je persoonlijk het meest bijgebleven?
Jay Iyer, bestuursvoorzitter van de in Amsterdam gevestigde Access to Medicine Foundation die onder meer onderzoekt wat farmaceutische bedrijven doen om hun medicijnen – dus ook antibiotica – toegankelijk te maken voor mensen in de hele wereld, schetste een heel somber beeld.
Een aantal grote farmaceuten hebben zich de laatste jaren teruggetrokken uit de research naar en de ontwikkeling van antibiotica. Ze zei onder meer:
“Als maatschappij zijn we afhankelijk van een handvol bedrijven. Je kunt letterlijk op de vingers van twee handen tellen hoeveel bedrijven nog antibiotica ontwikkelen en op de markt brengen. (…) De kapotte antibioticamarkt is de echte reden waarom maar zo weinig bedrijven erin geïnteresseerd zijn. En dat verandert niet. Antibiotica en antischimmelmiddelen zijn nu eenmaal onvergelijkbaar met covid-19-vaccins, die wereldwijd beschikbaar kwamen en waarvoor maar al te graag betaald werd, omdat mensen er weer hun huis door uit konden.”
In deze paar zinnen wordt haarfijn uitgelegd hoe muurvast de situatie zit.
Klimaatverandering en infectieziekten
Je schrijft dat klimaatverandering bijdraagt aan de opmars van resistente bacteriën. Hoe werkt dat mechanisme precies?
Tropische ziekten verspreiden zich naar streken waar die eerder niet voorkwamen. In veel gevallen gaat het om door muggen overgebrachte virusziekten zoals dengue, chikungunya en westnijlkoorts, maar ook bepaalde bacteriële infecties rukken op door hogere temperaturen en warmer water.
De ziekte van Lyme, die chronisch kan verlopen en dan ernstige gezondheidsklachten kan veroorzaken, wordt veroorzaakt door de Borrelia-bacterie die door een tekenbeet wordt overgebracht. Die bacterie gedijt beter naarmate het warmer wordt.
Ook Vibrio-bacteriën, waaronder de bacterie die cholera veroorzaakt, gedijen beter in warmer water. Ze kunnen allerlei infecties veroorzaken in het maagdarmkanaal als mensen ze oplopen via voedsel – bijvoorbeeld onvoldoende verhitte zeevruchten – of wond- en oorinfecties als mensen ze binnenkrijgen door zwemmen in vervuild zoet of zout water.
Waarom antibioticaresistentie weinig aandacht krijgt
Ondanks de ernst van het probleem lijkt de publieke verontwaardiging beperkt. Waarom is deze dreiging zo lastig zichtbaar te maken?
Precies door het sluipende karakter van de antibioticaresistentiepandemie is er zo weinig aandacht voor. Het speelt zich grotendeels ongemerkt af. Gezonde mensen dragen bij aan verspreiding van resistente bacteriën waar ze zelf meestal geen last van hebben, maar die ze kunnen overdragen op meer kwetsbare personen die er wel veel last van kunnen krijgen.
Vooralsnog zijn er nog werkende antibiotica, zeker in een land als Nederland. Maar in landen in Afrika is het een heel ander verhaal. Wereldwijd zijn er volgens een in 2025 door The Lancet gepubliceerde studie met data uit 204 landen in 2021 4,71 miljoen mensen overleden waarbij een resistente bacteriële infectie een rol speelde. Van hen overleden er 1,14 miljoen direct als gevolg van zo’n infectie, de overige hadden onderliggend lijden.
Het overgrote deel van die sterfgevallen doet zich buiten het rijke Westen voor, ver van ons bed, om het zo te zeggen. Dat verklaart mede de geringe aandacht ervoor.
Impact van corona op antibioticaresistentie
In hoeverre heeft de coronapandemie volgens jou de aandacht voor antibioticaresistentie beïnvloed?
Tijdens de coronajaren is de aandacht voor antibioticaresistentie op een laag pitje komen te staan. Alle aandacht ging uit naar covid-19 en de wereldwijde ontwrichting als gevolg daarvan. Het onderzoek naar antibioticaresistentie en ook naar nieuwe antibiotica kwam min of meer stil te liggen; het was alle ballen op corona. Dat was gezien de impact ervan ook wel logisch.
Intussen is er wel weer aandacht voor antibioticaresistentie. Onderzoekers zijn er weer mee bezig, maar met relatief beperkte middelen en geringe aandacht en hulp van de industrie als het erop aankomt om een veelbelovende vondst verder te ontwikkelen tot een antibioticum dat het mogelijk tot de markt brengt.
Oplossingen en hoopvolle initiatieven
Zie je landen of initiatieven die laten zien dat het ook anders kan?
Er zijn een paar rijke landen – het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Japan en Italië – die een soort Netflix-modellen hebben opgezet om de ontwikkeling van nieuwe antibiotica te stimuleren en de beschikbaarheid van bestaande middelen te vergroten. Canada en Australië werken daar ook aan.
Het gaat in alle gevallen om systemen waarin farmaceutische bedrijven voor bepaalde belangrijke nieuwe of oude antibiotica contracten kunnen afsluiten met de betrokken overheden die de bedrijven vaste inkomsten garanderen, ook als de gecontracteerde antibiotica maar heel weinig daadwerkelijk gebruikt worden. De bedrijven verplichten zich om de middelen op voorraad te hebben en worden daarvoor betaald.
Alleen, dit zijn een paar rijke landen die voor een beperkt aantal middelen zo’n systeem optuigen. Zo lang dat niet gebeurt in arme landen of landen in opkomst waar antibioticaresistentie een heel veel groter probleem is, is het niet veel meer dan een druppel op een gloeiende plaat.
Een tweede positieve ontwikkeling – al is die ook beperkt van impact – zijn de licenties die GARDP (Global Antibiotic Research and Development Partnership) om niet heeft gekregen van enkele farmaceuten om hun antibiotica toegankelijk te maken in 135 arme landen. De Japanse farmaceut Shionogi gaf GARDP in 2022 zo’n licentie om zijn antibioticum cefiderocol in die arme landen voor een betaalbare prijs op de markt te brengen. In India wordt nu een fabriek gebouwd waar het middel geproduceerd gaat worden.
GARDP kreeg ook dergelijke licenties voor twee nieuwe middelen tegen gonorroe die in december 2025 markttoelating hebben gekregen van de Amerikaanse Food and Drug Administration. Die licenties zijn een positieve ontwikkeling, maar het gaat maar om een paar middelen.
Bewust antibioticagebruik en gedragsverandering
Wat hoop je dat lezers na het dichtslaan van De sluipende pandemie anders gaan zien of doen?
Ik hoop dat mijn boek ertoe bijdraagt dat infectieziekten in het algemeen en bacteriële infecties in het bijzonder én het gebruik van antibiotica en het daarmee samenhangende voorkomen van antibioticaresistentie hoger op de politieke agenda komen te staan. Er is dringend meer aandacht nodig voor dit onderwerp.
Niet alleen voor preventie en behandeling van infecties, maar ook voor nazorg voor patiënten die vaak jarenlang kampen met de gevolgen van ernstige infecties (post-covid, chronische Lyme, chronische Q-koorts, langdurige klachten na sepsis).
Verder hoop ik dat individuele lezers zich bewust worden van dit complexe probleem en hun eigen gedrag waar nodig aanpassen. Dus geen antibiotica eisen van de huisartsenpost als niet vaststaat dat ze een bacteriële infectie hebben. Tegen een (ernstige) verkoudheid, veroorzaakt door een virus, helpen antibiotica niet.
Benieuwd naar wat Rinke heeft te vertellen? Lees het boek ‘De sluipende pandemie’ en krijg een breder beeld van de gezondheidszorg!
Meer interviews met gezondheidsexperts
Kruiden voor gezondheid: interview met Martine Van Huffel over lokaal gebruik, veiligheid en praktische tips
Martine Van Huffel, herboriste en auteur van het boek De Kruidenapotheek, nodigt ons uit om…
Interview met Joyce Houtkoop: Energie, voeding en de kracht van kleine stappen
Veel mensen voelen zich dagelijks moe, futloos of snel uitgeput — zelfs wanneer ze denken…
De mythe van proteïne: waarom we geobsedeerd raakten door eiwitten
Foto: Fjodor Buis Ontdek waarom eiwitten tegenwoordig op bijna elk bord en in elke sportshake…
Leven met chronische pijn: advies van ‘Pijnarts’ Bart Morlion
Chronische pijn beheerst het leven van miljoenen mensen—maar er is meer mogelijk dan eindeloos onderzoeken,…
Wat je bloed écht vertelt — Interview met prof. dr. Marc Boogaerts
Prof. dr. Marc Boogaerts is hematoloog en stamcelexpert, bekend om zijn heldere uitleg over wat…
Charlotte Brys over “Vintage meisjes”: ouder worden met lef en levenslust
Charlotte Brys is klinisch psycholoog, gerontoloog en integratief psychotherapeut, oprichter van praktijk Chartoloog, waar ze…
